Onze vereniging kent verschillende huizen die door een groep Ichthianen bewoond worden. In psalm 133 zegt David: ‘Ziet, hoe goed en hoe lieflijk is het, als broeders ook tezamen wonen’. De huizen van Ichthus hebben – naast een belangrijke rol voor de broeders (en tevens zusters) die de woningen als vaste slaap- en verblijfplaats gebruiken – ook een belangrijke functie voor de vereniging als geheel. In deze huizen kunnen Ichthianen vergaderen voor serieuze zowel als ontspannende activiteiten, en tevens staan zij symbool voor de rijke variëteit van onze vereniging.

Den Leidschen Bhurgerij

Aan wie hebben we onze glorieuze grachtenpanden te danken? Aan wie hebben we de burcht te danken? Aan wie hebben we die schattige straatlantaarns te danken? Aan wie hebben we een gezond dagritme te danken? Aan wie hebben we een verstandig uitgavepatroon te danken? Aan wie hebben we dat stuk vlees tussen twee heurlijke stukken brood te danken? Inderdaad. Den Leidschen Bhurgerij. Met als brasobject: dit blauwe vergiet, als knipoog naar blauw bloed en bhurgerlijkheid. Wees welkom en deel een kaakje met ons.

Het Witte Huis

Er waren eens drie parkietjes. Ze woonden in een huis als een kasteel zo groot. Het heldere wit sprankelde in de zon, al konden de muren misschien wel een extra likje verf gebruiken. Of eigenlijk woonden de parkietjes buiten, maar verbeeldden de prinsesjes binnen zich dat ze zo vrij waren als vogeltjes. Ze konden zich wel vinden in die rondfladderende wezentjes buiten hun raam. Net zoals die parkietjes konden ze immers goed met elkaar overweg. Zoals alom welbekend is, zijn parkietjes erg sociale beestjes, die goed functioneren in een groep, maar het ook goed kunnen vinden met allerlei andere vogelsoorten (lees: jij als mede-Ichthiaan bent zo een andere vogelsoort ;)). Ons huis staat - voor zover de maatregelen dat toelaten - altijd open. Dus voel je welkom, maar laat alsjeblieft ons Paparkietje met rust!

Tsjirp tsjirp!
Ilana, Bente en Ariëlle

Huize A je to. En dat is het.

Er was eens een huis aan de Fahrenheitstraat in het prachtige doolhof, dat ook wel Den Haag wordt genoemd. Het huis was statig met hoge plafonds en had uitzicht op een kersenboom vol groene halsbandparkieten. De kamers waren groot en koud, maar werden verwarmd door de aanwezigheid van twee zonnetjes. Deze zonnetjes hadden een plantencollectie waar je U tegen zegt en verblikten en verbloosden niet bij de aanblik van de glastas. In de zomer beleefden de zonnetjes de dagen veelal buiten met hun fameuze salsadip en een goed glas wijn. In de winter bleef het glas wijn favoriet, maar werd de salsa ingeruild voor patat met kipsaté (gehaald bij de beste snackbar in Den Haag). In dit prachtige huis spelen bijzondere taferelen zich af: vliegende duiven door de kamers, waterkokers die de stoppen door laten slaan (hoe los je dat op?), voorwerpen die van het balkon zo naar beneden in de tuin van de buren belanden en worden tafels gemonteerd met de poten aan de verkeerde kant. Deze taferelen werden door de zonnetjes al snel bestempeld als ‘Buurman&Buurman’-incidenten. Buurman en Buurman, werden buurvrouw en buurvrouw, Mareille en Elise. Vandaar dat we met lof, blijdschap en een beetje onbekwaamheid aan u willen presenteren: Huize A je to. En dat is het. 

Heel veel liefs,
Elise & Mareille